Wij (Mitchel van Leest, Thomas Miegielsen en Mitchel de Jager) zijn 4 weken geleden begonnen met een project over karameliseren. Dat deden we bij Kunst en Cultuur en NaSK, we moesten namelijk iets met beeldende vorming doen, maar het proces van karameliseren past heel goed bij NaSK. Dus wij dachten dat we wel iets leuks konden maken van Karamel en ondertussen een verslag voor NaSK maken. Eén van de dingen die je merkt aan het karameliseren is dat het kookpunt van het water omhoog gaat door de hoeveelheid suiker die erin is opgelost. Water waarin niets is opgelost kookt bij 100 graden en kan ook niet warmer worden. Alleen als er andere stoffen in zijn opgelost kan de vloeistof een temperatuur van boven de 100 graden bereiken. We hadden een temperatuurmeter bij de hand toen we de proef deden en zagen dat het suikerwater pas echt in karamel veranderde bij 170 / 180 graden. Daarna goten we sommige karamel in de vormpjes van gips die we bij K&C hadden gemaakt en de overige karamel goten we in een buis met koud water waardoor de karamel meteen gaat stollen en hard wordt. Wij vonden het erg leuk om te doen en hebben ook nog dingen geleerd.
Thomas Miegielsen, leerjaar 3